Ik ben geniaal!

Colosso

Van jezelf zeggen dat je ‘geniaal’ bent… dat doen we niet zo in Nederland. Wij zijn immers het volk van ‘doe maar gewoon’. De Romeinen hadden daar echter geen enkel probleem mee, en hadden daarvoor zelfs een ‘geniale’ constructie bedacht. Ieder persoon heeft een eigen aparte geest bij zich, zijn ‘genius’ – en die is verantwoordelijk voor je slimme ingevingen, je creativiteit, je ideeën.

Keizer Augustus maakte daar op slimme wijze gebruik van en gaf zijn ‘genius’ een belangrijke rol in zijn propaganda. Hij liet niet zichzelf, maar zijn ‘genius’ als godheid vereren. In de hoek van het forum van Augustus is een podium waarop een meer dan levensgroot beeld stond: zijn genius, in de gedaante van Augustus zelf. ‘Is dat niet wat erg veel zelfverheerlijking?’ vragen de Nederlandse toeristen. Ik zeg: nee. Volkomen terecht. Dat zouden we vaker moeten doen!

Voor de oude Romeinen was de genius een continue begeleider, de scheppende aanleg, die geest van uitmuntendheid die de persoon bij zich had. Een goddelijke deeltje als inspiratie-machine, als de creativiteitsprocessor: letterlijk een ‘voortbrenger’. Niet de persoon, maar zijn genius zorgt voor spectaculaire prestaties. Dat is een geweldige constructie: je bent dus genie en mens tegelijk, en hoeft niet voortdurend aan torenhoge verwachtingen te voldoen! De moderne mens, ingeklemd tussen verwachtingen, fear-of-missing-out en de realiteit van je mogelijkheden, kan daar nog zijn voordeel mee doen.

Menselijke trekjes

Het idee van de genius maakt creativiteit tot een concrete figuur. Iemand of iets die als een trouwe vriend naast je staat, die je kunt leren kennen, waarvoor je kunt zorgen, die je gesprekspartner is, en soms net menselijke ‘nukken’ vertoont. Die je ook de schuld kan geven als het niet lukt…Een hele prettige gedachte! Want soms is je genius beledigd en verstopt hij zich in een hoekje. Je inspiratie is weg. Komt dat gevoel bekend voor? Je zult hem dan moeten paaien, verleiden, en de ruimte geven..

Augustus had dat helder gezien. Door zijn genius door iedereen te laten vereren en zo in de spotlight van de aandacht te plaatsen, zette de First Man of Rome zijn goddelijke begeleider aan het werk. Met resultaat zou je kunnen zeggen: de meest invloedrijke staatsman van de afgelopen twintig eeuwen creëerde een wereldrijk, en gaf de geschiedenis een nieuwe wending. En Augustus zelf kon toch (relatief) bescheiden blijven over zijn prestaties, want het tenslotte allemaal het werk geweest van zijn genius.

Offers

Hoe kun je nu je genius stimuleren tevoorschijn te komen en voor je te werken? Vereren van het goddelijke gebeurde in de oudheid door de goden letterlijk te voeden met een offer. Iets kostbaars werd verbrand aan de voet van het godenbeeld, de geur daarvan zou de goden positief stemmen en ze verleiden je verzoek in te willigen. Een lekker vers gebraden lammetje of een exclusieve essence: hoe heerlijker de geur hoe effectiever het offer zou zijn.

Maar wat kunnen wij offeren om onze genius te voeden? Misschien wel het grootste offer dat wij kunnen geven, is onze tijd. Onze kostbare tijd. Het goud van de 21ste eeuw. De druk van onze agenda voelen we allemaal. Maar je kunt agenda ook gebruiken om je creativiteit te luchten en te verleiden om de zon op te zoeken. Maak een afspraak in je agenda met jezelf! Ga iets doen dat je al lang voorgenomen hebt, of besteed tijd wat je het liefste doet. Misschien wil je gewoon niks doen (en dat is niet facebooken). Doe alles met aandacht, met liefde. Dan krijgen de ideeën de ruimte om zich in jouw brein te vormen.

Bonus

Jouw genius is jouw eigen inspiratiebrenger. Hij zit altijd op jouw schouder, niet op die van een ander, en vertaalt de energie van de goden alleen voor jou. Dat maakt je uniek en speciaal. De resultaten zijn dan ook altijd heel persoonlijk. Voor Augustus was de onsterfelijkheid van Rome zijn levenswerk, en de onsterfelijkheid van zijn eigen naam de miljoenenbonus.

Vanmiddag maakte ik een wandelingetje over de Via Fori Imperiali, naar de keizerfora, om even gedag te zeggen aan de (genius van) Augustus. De voetafdruk van het beeld is nog te zien. Het maakte dat ik me positief en ‘geladen’ voelde. Eenmaal thuis schreef ik dit op. Met een geurig kopje thee naast me. Mijn genius had de boodschap begrepen.

Date with self…. en Stanislao

Stanislao Kostka

Vanmiddag heb ik een date.. Een ‘date- with-self’,  het is tijd voor een ‘me-momentje’.  De boel de boel laten en doen wat je je hebt voorgenomen te doen. Dat kan moeilijker zijn dan het lijkt, zeker in Rome waar je op iedere straathoek wordt afgeleid. Al lang wil ik de kapel van Stanislao Kostka bezoeken, een Poolse jongeling die in Rome gestorven is in de 16e eeuw en heilig werd verklaard. In Bernini’s kerk van Sant’ Andrea del Quirinale moet heel mooi beeld van hem zijn. Dat moet ik zien!

Verder lezen

De poort van oud en nieuw

poort

Vanochtend heb ik een afspraak ver buiten de stad. De route voert over de provinciale SS3, het tracé van de antieke Via Flamina. Langs de weg liggen op veel plaatsen nog achteloos de basaltblokken van de antieke Romeinse snelweg. De lange weg terug naar Rome eindig ik bij de oude stadspoort: de Porta Flaminia of tegenwoordig de Porta del Popolo. Dit is niet zomaar een poortje, dit is een Poort die iets Belooft..

Verder lezen

Vloeiende vormen

cropped-header2l-1.jpg

Eigenlijk is het opvallend dat in een stad als Rome, de hoofdstad van het katholicisme, de sensualiteit je op iedere straathoek aanstaart. Geen wonder dat sommige priesters het er warm van krijgen. De blondgelokte engelen, uitnodigende madonna’s, heiligen in extase, of naakte Venussen kunnen je niet onberoerd laten, en ook een gids wordt nog wel eens van haar stuk gebracht door een toevallig passerende welgespierde marmeren atleet.

Verder lezen

Een vat vol verhalen

prassede

Waarvan gaat je hart in de fik? Vroeg Michèle. Tja .. aarzelend antwoord ik: “mensen, geschiedenis, verhalen, Rome.. . Maar wat moet je daar nou mee..” Gooi maar in mijn pet zou de Nederlander zeggen. Of zoals men in Rome kan doen: gooi het in de put der eeuwen. De kerk van Santa Prassede is zo’n vat vol verhalen over mensen uit alle tijden, en zelfs mijn 14-jarige gaste schrijft er een voetnoot bij.

Verder lezen